dinsdag 24 oktober 2017 14:04

Toch recht op zwangerschaps- en bevallingsuitkering voor zelfstandigen met kind

Vroeger was er een uitkeringsregeling voor zwangerschap en bevalling voor zelfstandigen. Momenteel is deze er ook weer, maar in de periode vanaf medio 2005 tot medio 2008 is er geen regeling geweest. Na bezwaar van enkele zelfstandigen die in deze periode zijn bevallen komt demissionair minister Asscher uiteindelijk tot de conclusie dat een reparatieregeling over de genoemde periode op zijn plaats is.

Oude wetgeving zwangerschaps- en bevallingsuitkering voor zelfstandigen

Van 1976 tot 1 augustus 2004 waren zelfstandigen sociaal verzekerd tegen het risico van inkomensderving ten gevolge van arbeidsongeschiktheid. Eerst via de Algemene arbeidsongeschiktheidswet (AAW) die vervolgens in 1997 is omgezet in de Wet arbeidsongeschiktheidsverzekering voor zelfstandigen (WAZ). Onderdeel van die WAZ was een zwangerschaps- en bevallingsuitkering. Aangezien zwangerschap en bevalling niet werden beschouwd als ziekte, is dit onderdeel uit de WAZ per december 2001 ondergebracht in de Wet arbeid en zorg, de WAZO.

Afschaffing WAZ en WAZO

Tegelijk met het vervallen van de WAZ per 1 augustus 2004, is ook de zwangerschaps- en bevallingsvoorziening uit de WAZO geschrapt. De achterliggende gedachte was dat het arbeidsongeschiktheidsrisico goed te verzekeren was via een private verzekering. Doordat de WAZ een wachttijd van een jaar had werd de beëindiging van de instroom voor WAZ en WAZO pas per medio 2005 effectief.

De afschaffing van zwangerschaps- en bevallingsuitkering is niet zonder slag of stoot door het parlement geloodst. De Eerste Kamer vond dat ook de Commissie Gelijke Behandeling naar de zaak moest kijken. De commissie stelde dat het om een risico ging dat alleen vrouwen kunnen lopen. Bovendien is dit risico minder goed te verzekeren bij een particuliere verzekeraar. Vrouwen ondervinden een nadeel dat mannen nooit kunnen hebben: zij kunnen een bepaalde periode niet werken, hun bedrijf staat tijdelijk stil terwijl de concurrentie doorgaat, ze hebben geen inkomen en in beginsel wel kosten.

Het risico bestaat dat ze daardoor gedwongen zijn om te lang door te gaan met hun werkzaamheden tijdens zwangerschap, en deze ook weer te snel op te pakken na de bevalling. Het is duidelijk dat dit niet bevorderlijk is voor de gezondheid van moeder en kind. Dit laatste argument heeft er voor gezorgd dat de overheid in 2008 de zwangerschaps- en bevallingsuitkering weer in de WAZO heeft opgenomen. Dit werd opzettelijk niet met terugwerkende kracht gedaan, omdat de gezondheid van moeder en kind met een uitkering met terugwerkende kracht immers niet meer beschermd kunnen worden.

Hiaat zwangerschaps- en bevallingsregeling voor zelfstandigen

Er is dus een hiaat ontstaan in de zwangerschaps- en bevallingsregeling voor zelfstandigen. In de lopende bezwaar- en beroepsprocedure tegen de afschaffing heeft de Centrale Raad van Beroep (CRvB) afgelopen zomer  een tussenuitspraak. De CRvB is van oordeel dat de intrekking van de regeling per 2005  zonder dat een vervangende regeling of compensatie is aangeboden in strijd is met artikel 11 van het VN-Vrouwenverdrag (gelijke rechten in het arbeidsproces).

Reparatie

Asscher wil dit nu repareren. Hij gaat een ministeriele regeling opstellen waarbij vrouwelijke zelfstandigen die zijn bevallen tussen 7 mei 2005 en 4 juni 2008 worden gecompenseerd. De hoogte van de compensatie bedraagt 90% van het wettelijk minimumloon per dag (inclusief vakantiebijslag) en wordt berekend over 80 dagen. De compensatie moet binnen drie maanden na publicatie van de regeling worden aangevraagd.